Geschiedenis van de Admiraal Van Kinsbergenschool.

In het jaar 1800 snijden twee lijnen elkaar in Elburg: enerzijds het Schipluidenfonds (gesticht in de Middeleeuwen) en anderzijds de vader van de latere Admiraal Van Kinsbergen die in datzelfde jaar als onderofficier gelegerd wordt in Elburg waardoor Van Kinsbergen een gedeelte van zijn jeugd in Elburg doorbrengt.

Het Schipluidenfonds zou men dus de meter en Admiraal Van Kinsbergen de peter van het Instituut Van Kinsbergen kunnen noemen. Uit de vereniging van beiden is de school ontstaan, namelijk in 1809: het Schipluidenfonds staat zijn gelden af aan de gemeentelijke overheid ten bate van het onderwijs aan de Elburger jeugd en de Admiraal Van Kinsbergen belooft alle financiële tekorten te zullen aanvullen.

Van oudsher was Elburg een vissersstadje. Het Schipluidengilde stichtte een fonds om weduwen en wezen van omgekomen vissers bij te staan. De wezen vonden onderdak in een deel van de woning aan de Van Kinsbergenstraat 2. 

Een gedicht van Vondel boven de voordeur van dit prachtige huis herinnert ook nu nog aan haar oorspronkelijke bestemming:

“Hier treurt het Weesken Met Gedult
 Dat Arm is Dog sonder Schult.
 En in sijn Armoe sou Vergaen
 Indien Men T Weigerdt Bij te Staen.
 So Gij Gesegent sijt van Godt
 Vertroost ons Met Uw Overschot.”

In het andere deel van de woning  woonden gedurende ruim 160 jaar de directeuren van de school.

Het bestuur van school werd gevormd door vier Curatoren (het Curatorium): twee benoemd door de gemeenteraad van Elburg (in loco) en twee door de Admiraal Van Kinsbergen (ex loco).
Hierdoor ontstond een merkwaardige situatie, wellicht uniek in Nederland. Want het bestuur van Openbare Scholen ligt in handen van het gemeentebestuur; het bestuur van onze school (een Bijzondere School) in de handen van de Curatoren.



Jan Hendrik van Kinsbergen werd geboren op 1 mei 1735 in Doesburg. Zijn vader heette ook Jan Hendrik en zijn moeder was Petronella ten Nuye. Zijn vader was onderofficier in het Staatsleger en werd van Doesburg naar Elburg overgeplaatst.  In 1744 breekt de Oostenrijkse successieoorlog uit, die voornamelijk in de Zuidelijke Nederlanden wordt uitgevochten. 
Op 9-jarige leeftijd trekt Jan Hendrik met zijn vader naar de oorlog en leert zo het krijgsbedrijf al vroeg kennen. Hij was de oudste van vier zonen waarvan drie vrij jong overleden.  Als hij 13 jaar oud is komen vader en zoon Van Kinsbergen in 1748 terug naar Elburg. Hij volgt er de volksschool, terwijl zijn vader hem wat Duits, Frans en Geschiedenis leert. Zijn basisopleiding was dus gebrekkig, maar hij zou als autodidact (iemand die zijn kennis door zelfstudie krijgt) tot de hoogste rangen opklimmen. Vervolgens bezoekt hij de zeevaartschool in Groningen.

Een boeiende marineloopbaan volgt. Hij wordt tot Adelborst bevorderd en later tot Luitenant ter zee. In 1771 vertrekt hij, met toestemming van de autoriteiten, naar Rusland. De Russische marine kan kundige zeeofficieren gebruiken. Van Kinsbergen treedt in dienst van tsarina Catharina II.
Ook in Rusland boekt hij vele successen.
Overladen met gunsten en geld verlaat Van Kinsbergen in 1775 de Russische dienst om tenslotte in de rang van Kapitein ter zee1e klasse bij de Nederlandse marine terug te komen.

In 1781 vond de slag bij de Doggersbank plaats. Van Kinsbergen is dan inmiddels Schout bij nacht en voert het bevel. Ondanks de vele slachtoffers, zowel aan Nederlandse als Engelse kant, wordt de overwinning op de Engelsen aan de Nederlanders toegeschreven.

  

In 1786 trouwt Van Kinsbergen met Hester Hooft, de weduwe van een bankier en beheerster van het Handelshuis Schuls. De reeds aanzienlijke rijkdom van Van Kinsbergen neemt hierdoor alleen maar toe. In 1795 overlijdt zijn vrouw op 57-jarige leeftijd.

Van Kinsbergen wordt bevorderd tot de rang van Luitenant-Admiraal. Na beëindiging van zijn marineloopbaan vestigt hij zich in het huis van zijn vader in Elburg (Jufferenstraat 17).
In 1809 ontstaat door de verbinding met het Schipluidenfonds en de Admiraal het Instituut van Opvoeding ingesteld door Luitenant-Admiraal Van Kinsbergen: de huidige Van Kinsbergenschool.

Bij zijn overlijden in 1819 schonk Admiraal van Kinsbergen een legaat van fl. 3.000,-- aan de school. Na zijn dood krijgt Van Kinsbergen in de Nieuwe Kerk te Amsterdam een praalgraf op slechts enkele meters afstand van de praalgraven van de zeventiende-eeuwse zeehelden Michiel de Ruyter en Jan van Galen.  



Op de school werden de volgende vakken gegeven: Latijn, Frans, Engels, Duits, Nederlands, wiskunde, rekenkunde, natuurkunde, biologie, logica, godsdienst, geschiedenis, muziek, dansen en schermen. 

Nog bij zijn leven schonk de Admiraal een schitterende verzameling natuurkundige en zeevaartkundige instrumenten aan de school, naast een groot aantal scheepsmodellen. In de loop der jaren is deze verzameling grotendeels verdwenen; in 1962 waren er nog een paar schamele resten van over.

Eens per jaar werden de medailles voor de beste leerlingen uitgereikt, waarna de Admiraal, het Curatorium, de leraren en de leerlingen in een plechtige optocht naar de kerk trokken om het schooljaar met een kerkdienst te beëindigen. Nog elk jaar wordt aan de best-geslaagde leerling van het voortgezet onderwijs van het Van Kinsbergen-college een kopie van de medaille uitgereikt.

“De medaille zal worden uitgereikt aan: 
  • degene die de tweede, derde of vierde klas niet heeft gedoubleerd (tenzij dit aan bijzondere omstandigheden is te wijten)
  • degene die in de eerste examenperiode het hoogste aantal punten op het examen behaalt. Voor kandidaten die in 8 vakken zijn geëxamineerd, vervalt het laagste cijfer bij deze berekening. Wel moeten er bij de resterende vakken Nederlands plus één vreemde taal vertegenwoordigd zijn. Bij een gelijk aantal punten zijn de niet-afgeronde examencijfers doorslaggevend.
  • degene die de opleiding op de locatie is gestart in leerjaar één of twee.”
Sinds 1941 is een kleuterafdeling aan de school verbonden. Tot 1951 stonden zowel kleuterschool, de lagere school als de ulo-school onder leiding van één directeur. Deze scholen waren tot dan toe in hetzelfde gebouw gehuisvest. In de jaren zestig van de vorige eeuw verhuisden de lagere school en de ulo naar een nieuwe locatie, net buiten de stad.
Daarmee werd voorgoed de historische plaats verlaten waar ruim 160 jaar lang het instituut gevestigd was. Een oude school uit de binnenstad ging een nieuw leven beginnen in een nieuw deel van Elburg: de Paterijstraat.

Door de maatschappelijke schaalvergroting, ook binnen het onderwijs, werd in 1995 het voortgezet onderwijs overgenomen door de Van der Capellen Scholen-gemeenschap in Zwolle. Sinds die tijd is de gemeente Zwolle het bestuur van deze school. Met ingang van het schooljaar 2008-2009 wordt de naam Van der Capellen gewijzigd in het Van Kinsbergen College.

Sinds 2010 is er in museum een permanente expositie over Van Kinsbergen in museum Elburg. Naast een wassen beeld van de admiraal bezit het museum een collectie nautische instrumenten, o.a. het uurglas van Argo (een zandloper afkomstig van het fregat Argo waarop Van Kinsbergen lange tijd het commando voerde).